Hydro Team KU Leuven: met waterstoftechnologie richting de 24 uur van Le Mans

Een racewagen op waterstof bouwen en daarmee tegen 2030 deelnemen aan de 24 uur van Le Mans: het is de ambitie van Hydro Team KU Leuven. Wat bijna drie jaar geleden begon als een idee van oprichter Anton Lintermans, is intussen uitgegroeid tot een volwaardig studentenproject dat zich tussen de grote namen uit de autosport beweegt. Maar de ambitie reikt verder dan racen alleen. Met hun waterstofaangedreven wagens willen de studenten ook de mogelijkheden van waterstoftechnologie in de mobiliteit onder de aandacht brengen.

Foto: © Hydro Team KU Leuven

Wie bij Hydro Team binnenstapt, komt niet zomaar terecht bij een groep studenten die in hun vrije tijd aan een wagen sleutelen. Achter het project schuilt een organisatie die techniek, onderzoek, ondernemerschap en autosport samenbrengt. De ambitie is duidelijk: waterstof een plaats geven in de autosport en uiteindelijk aan de start verschijnen van de 24 uur van Le Mans.

Anton Lintermans liet zich onder meer inspireren door het Nederlandse studententeam Forze Hydrogen Racing, dat al langer werkt aan racewagens op waterstof. Ook de plannen van de Automobile Club de l’Ouest (ACO), organisator van de 24 uur van Le Mans, om waterstof in de endurance-racerij te introduceren, spraken hem aan.

“Ik dacht: als er één iets is waarin studententeams goed zijn, is het veel vooruitgang maken. Racen was altijd wel iets wat ik leuk vond en waterstof is een technologie waar nog niet veel rond gedaan is. Toen kwam het idee: waarom zouden we niet proberen om deel te nemen aan de 24 uur van Le Mans?”, vertelt hij.

Met dat idee stapte hij naar de KU Leuven. In september 2024 ging het eerste voltijdse team van start. Sindsdien groeide Hydro Team uit tot een organisatie met verschillende technische en ondersteunende departementen.

Meer dan een studententeam

De structuur van Hydro Team is bijzonder. Het project maakt deel uit van een postgraduaat aan de KU Leuven, waarbij afgestudeerde studenten een bijkomend jaar voltijds aan een concreet en uitdagend project kunnen werken. Ze krijgen begeleiding, toegang tot universitaire faciliteiten en ondersteuning, maar zijn zelf verantwoordelijk voor de realisatie van hun doelstellingen. Dat betekent dat de studenten niet alleen de technische ontwikkeling voor hun rekening nemen. Ook financiën, marketing, communicatie en het onderhouden van partnerships behoren tot hun takenpakket.

Waar de eerste twee lichtingen uit acht voltijdse teamleden bestond, telt het huidige team dertien voltijdse medewerkers. Daarnaast werken jaarlijks tussen de veertig en zestig studenten deeltijds mee, vaak ongeveer zes uur per week. Ook voormalige teamleden blijven betrokken als alumni en ondersteunen de nieuwe lichting met hun opgebouwde kennis en ervaring. Over de eerste tweeënhalf jaar waren volgens Lintermans al meer dan 150 tot 200 studenten bij het project betrokken.

Die verschillende profielen zijn belangrijk. Hydro Team is immers niet alleen een technisch project. Naast ingenieurs zijn er ook studenten met een economische of commerciële achtergrond nodig. De KU Leuven biedt vooral infrastructuur, een netwerk en ondersteuning via het postgraduaat.

“Wij doen alles zelf: ontwerpen, testen, bouwen, financiën, marketing, alles. KU Leuven ondersteunt ons met financiële middelen, personeel, faciliteiten en netwerk, maar operationeel zijn we niet van hen afhankelijk”, legt Luís Colson uit, die actief is binnen het departement BR & Marketing.

Dat vraagt behoorlijk wat inzet. De voltijdse teamleden werken gemiddeld vijftig tot zestig uur per week. Voor Colson liep dat tijdens een bijzonder drukke periode zelfs op tot 75 uur. De intensiteit hoort bij de verantwoordelijkheid die de studenten krijgen. Ze leren niet alleen technische problemen oplossen, maar moeten ook partners overtuigen, vergaderingen leiden en het project vertegenwoordigen op evenementen.

“Je leert in het begin heel veel door fouten te maken. Maar tegen het einde van het jaar ben je professioneel enorm geëvolueerd. Iedereen moet niet alleen technisch bezig zijn, maar ook met partners samenwerken en het verhaal achter het project kunnen uitleggen”, aldus Lintermans.

Van eerste prototype naar racewagen

In het eerste jaar moest Hydro Team vrijwel vanaf nul beginnen. Het team moest zelf op zoek naar financiële steun, partners en technische oplossingen. Dat gebeurde onder meer door bedrijven te contacteren, beurzen te bezoeken en mensen uit de autosportwereld aan te spreken.

Een belangrijke stap was de schenking van het chassis van een oudere Radical en een motor van Ford. Daarmee kon Hydro Team aan zijn eerste wagen beginnen bouwen. Tegen het einde van het eerste werkjaar stond er een wagen met een werkende waterstofverbrandingsmotor. Het volledige systeem werkte toen nog niet samen: vooral de veiligheidssystemen rond de waterstofinstallatie en de integratie van alle onderdelen vroegen bijkomend werk.

Dat werk werd door de volgende lichting verdergezet. In juli reed de wagen officieel voor het eerst. Het prototype doet vandaag dienst als demonstratiewagen en kreeg ook al de kans om zich op een bijzonder circuit te tonen. In september mocht Hydro Team tijdens een door de ACO georganiseerde waterstofdag een ronde rijden op het Bugatti-circuit in Le Mans. Een symbolisch moment voor een team dat uiteindelijk net daar zijn grote doel wil bereiken.

Ondertussen werkt het derde team aan een volgende stap: een productie-GT-racewagen ombouwen tot een volwaardige waterstofracewagen. Daarvoor wordt een nieuwe motor geplaatst en wordt de volledige waterstofinstallatie geïntegreerd. Vooral de beschikbare ruimte en de veiligheid vormen daarbij grote uitdagingen. De gastanks nemen behoorlijk wat plaats in en moeten achter de bestuurder, binnen een aangepaste rolkooi, worden ondergebracht.

Het team ontwikkelde bovendien een eigen testfaciliteit om de waterstofmotoren te kunnen testen. Omdat geschikte faciliteiten moeilijk te vinden waren, besloot Hydro Team zelf een oplossing te bouwen. Volgens het team gaat het, voor zover zij konden nagaan, om de enige permanent op waterstof omgebouwde testbank in zijn soort. Intussen hebben ook andere bedrijven interesse getoond om de installatie te gebruiken.

Waterstof op de kaart zetten

De racewagens zijn voor Hydro Team meer dan een technisch einddoel. Het algemene doel is om waterstof als technologie meer bekendheid te geven en de mogelijkheden ervan binnen de mobiliteit zichtbaar te maken. De studenten willen niet beweren dat waterstof alle andere aandrijftechnologieën moet vervangen. Ze zien het eerder als een mogelijke aanvulling binnen de energietransitie, naast onder meer batterij-elektrische aandrijving.

Volgens Lintermans is er nog heel wat onderzoek nodig naar de toepassingen van waterstof, zeker wanneer het gaat om verbrandingsmotoren. De technologie is relatief nieuw en er is nog weinig wetenschappelijke literatuur over bepaalde toepassingen. Hydro Team probeert daar zelf aan bij te dragen, onder meer via bachelor- en masterproeven en eigen tests.

“Het algemene doel van Hydro Team is om waterstof mee op de kaart te zetten, zodat het als een alternatief gezien wordt. Batterijen en elektrificatie zijn goed, maar je zult niet alles zomaar kunnen elektrificeren. Waterstof kan een deel van de oplossing zijn, zeker voor bepaalde vormen van zwaar transport”, legt Lintermans uit.

De autosport moet helpen om dat verhaal bij een breder publiek te brengen. Een racewagen spreekt tot de verbeelding en trekt aandacht, waardoor er ook ruimte ontstaat om uit te leggen wat waterstof precies kan betekenen. “Door iets exciting te doen, zoals racen, willen we aandacht trekken. Zo hopen we mensen te doen nadenken over waterstof en hen te laten inzien dat het een deel van de oplossing in de energietransitie kan zijn”, aldus Lintermans.

Niet alleen een technische uitdaging

De weg naar de eerste races is niet zonder hindernissen. Waterstof kan op verschillende manieren worden opgeslagen. Hydro Team werkt momenteel met gasvormige waterstof onder hoge druk, maar net die opslagmethode zorgt voor uitdagingen binnen de autosport. De FIA staat voorlopig terughoudend tegenover dergelijke hogedruktanks in wedstrijden met publiek. Daardoor is het niet vanzelfsprekend dat de wagen meteen in België aan de start kan verschijnen.

Het team wil aantonen dat zijn installatie veilig is en werkt daarvoor onder meer samen met keuringsorganisaties zoals Vinçotte. Op basis van die tests hoopt het ook de RACB en andere organisatoren te overtuigen. In Nederland zouden de mogelijkheden voorlopig iets opener liggen. Voor de toekomst wordt ook vloeibare waterstof onderzocht. Die wordt tot ongeveer -253 graden Celsius gekoeld en biedt andere mogelijkheden voor opslag, maar vraagt veel energie en is bijzonder duur.

De eerste wedstrijden moeten daarom veel ervaring opleveren. Hydro Team kijkt naar lokale competities zoals Belcar en wil vervolgens geleidelijk doorgroeien naar grotere uitdagingen. Tegelijkertijd wordt al nagedacht over het ontwerp van een eigen LMP-wagen, waarmee het team uiteindelijk de stap naar Le Mans wil zetten. Een concreet parcours ligt nog niet volledig vast. Voor elke wedstrijd zal Hydro Team de organisator moeten overtuigen dat de wagen aan de veiligheidsvereisten voldoet.

“Veiligheid is een van onze topprioriteiten. Doordat we veel tests uitvoeren en kunnen aantonen dat de wagen veilig is, winnen we ook steeds meer vertrouwen bij mensen binnen de racewereld”, vertelt Lintermans.

Dat het project niet altijd over rozen loopt, hoeven de teamleden niet uit te leggen. Een ambitieus technisch project vraagt niet alleen veel tijd, maar heeft ook een aanzienlijk financieel plaatje. Hydro Team moest in de beginfase zelf partners zoeken, middelen verzamelen en veel geduld oefenen. Een bijna afgeronde samenwerking rond een GT4-racewagen werd op het laatste moment ingetrokken.

“Dan ben je enorm teleurgesteld en moet je alles opnieuw herbeginnen. Hoe gaan we het nu aanpakken? Zeker in het eerste jaar waren er veel twijfels. Je hebt geld nodig en zonder geld kan je heel weinig doen”, blikt Lintermans terug.

Concurreren met de grote namen

Toch groeide het vertrouwen van partners en mensen in de autosportwereld. Een van de grootste misverstanden die het team volgens Colson nog geregeld tegenkomt, is de manier waarop buitenstaanders naar een studententeam kijken.

“Hetgeen dat het meest onderschat wordt, is onze sérieux. Wanneer je het woord studententeam gebruikt, denken mensen soms aan een studentenvereniging die op zaterdagavond samenkomt. Ze verwachten niet dat wij een volledige racewagen bouwen die gewoon op een circuit kan rijden”, vertelt hij.

Binnen de waterstofwereld wordt Hydro Team ondertussen ook steeds vaker in één adem genoemd met grote namen uit de industrie en autosport, zoals Toyota en Alpine.

“Wij worden soms uitgenodigd op plaatsen waarvan je denkt: wat doen wij hier eigenlijk? Toch worden we daar gezien als een van de teams die met waterstofracen bezig zijn. En dat terwijl ons budget honderd keer kleiner is dan dat van sommige andere spelers”, zegt Colson.

Het is precies dat contrast dat het project zo bijzonder maakt. Hydro Team probeert met een relatief beperkte groep studenten en middelen een technologie te ontwikkelen waarvoor zelfs grote bedrijven nog volop onderzoek voeren.

Stap voor stap richting Le Mans

De eerstvolgende doelstelling is om met hun wagen race-ervaring op te doen. Daarna wil het team stap voor stap doorgroeien en ondertussen werken aan de uiteindelijke Le Mans-wagen. De ambitie voor 2030 blijft daarbij overeind, al beseffen de initiatiefnemers dat er nog heel wat voorwaarden vervuld moeten worden. Naast de technologische ontwikkeling zijn voldoende financiële middelen, de juiste partners en een samenwerking met een professioneel raceteam noodzakelijk om aan een wedstrijd als de 24 uur van Le Mans te kunnen deelnemen.

Voor de studenten die aan het project meewerken, ligt de meerwaarde ondertussen niet uitsluitend aan de finishlijn.

“Het is een ervaring die je nergens anders zal krijgen. Zeker als je later in de racingwereld terecht wil komen, is dit een ideale manier om te ontdekken wat er allemaal bij komt kijken. Het opent deuren die je op geen enkele manier zou kunnen openen”, besluit Lintermans.

Ook Colson hoopt dat de impact verder reikt dan het circuit. België heeft volgens hem heel wat mogelijkheden op het vlak van waterstof. “Als dit project het zaadje is dat de industrie bij ons doet groeien in plaats van bij de buurlanden of overzees, dan zou dat fantastisch kunnen zijn.”

De ambitie van Hydro Team is dus dubbel: een waterstofracewagen bouwen die op termijn op het hoogste niveau kan meestrijden én aantonen dat waterstof een plaats kan hebben in de mobiliteit van morgen. De weg naar Le Mans is nog lang, maar voor de studenten is elke stap vooruit al een overwinning op zich.