René Rast bestuurt de #20 BMW M Hybrid V8 van BMW M Team WRT. De Duitser vormt een team met de Nederlander Robin Frijns en de Zuid-Afrikaan Sheldon van der Linde. René kreeg de taak om de wagen in de kwalificatie te besturen en hij was met een vierde plaats de beste BMW-rijder. Volgens Rast kon het zelfs nog beter.
(Foto’s: © DPPI/FIA WEC – Team WRT)
“In mijn tweede snelle ronde op medium banden, een “peak lap”, blokkeerde ik een wiel aan Arnage” vertelt René. “Maar plaats vier was zeker niet slecht en het voldeed ruim aan wat we nodig hadden. Ik denk dat we met deze wagen kans maken op de polepositie. In die tweede ronde die werd afgebroken, was ik vier tienden sneller in de middelste sector. Als ik op dat elan de ronde had kunnen afwerken, was ik helemaal bovenaan geëindigd.”
“We reden eerst met een soft en schakelden dan over naar de medium band om een set softs voor de nachttraining te houden. Soft is niet noodzakelijk altijd de snelste band omdat de prestatievensters wel eens met elkaar overlappen, afhankelijk van de temperatuur.”
“Weet je, misschien hebben de andere teams nog wel iets extra wat ze in Hyperpole kunnen brengen, maar de BMW is snel! In de derde vrije training gaan we wat langere runs doen om te zien hoe we op dat vlak staan.”
Hoe schat je de tegenstand in?
“Cadillac sprint in het oog vind ik. Zij zijn echt snel! Toyota is erg snel en ook Alpine is sterk. Ferrari kan ik moeilijk inschatten. Soms lijken ze zeer competitief, maar in de kwalificatie zaten ze dan weer achteraan.”
“De wedstrijd gaat vanaf de eerste ronde een sprint worden. Het is belangrijk om op de baan te blijven en bestraffingen en aanrijdingen te vermijden. Wie het minste aantal fouten maakt en over een betrouwbare wagen beschikt zal winnen.”
De BMW onderging een evolutie in het tussenseizoen. Hoe voelt dat aan op Le Mans?
“In het algemeen is de wagen beter te besturen bij een volledige stint. Vorig jaar was de auto een beetje “edgy” wanneer je een bocht instuurde. De achterkant volgde toen niet altijd de input die je gaf. Dit jaar is de wagen voorspelbaarder en consistent over een stint. We boeten hierdoor misschien iets in voor een snelle ronde, maar het gemiddelde over een rijbeurt is beter.”



