NASCAR Dover: Hamlin, Day en Busch

Cup: Hamlin is de All-Star

Zondag werd op Dover de All-Star-race betwist. Een wedstrijd buiten het kampioenschap met een hoofdprijs van 1 miljoen dollar voor de winnaar. De gelukkige is niemand minder dan Denny Hamlin (#11, Joe Gibbs Racing – Toyota), de gedoodverfde favoriet. Hij vertrok vanop de pole en toonde zich de hele wedstrijd de snelste. Het hele podium was voor Toyota, met Chase Briscoe (#19, Joe Gibbs Racing) op de tweede en Erik Jones (#43, Legacy Motor Club) op de derde plaats. Het is al de tweede keer dat Hamlin de All-Star-race én dus de 1 miljoen dollar binnenrijft.

O’Reilly: Day met nummer twee

Het leek erop dat Justin Allgaier zaterdag op Dover met gemak naar de overwinning reed. Maar op vier ronden van het einde, bij het dubbelen van een achterligger, slaagde Corey Day erin, met verser rubber, Allgaier gedurfd voorbij te gaan. Meteen voor Day de tweede overwinning van het jaar én van zijn carrière . Sam Mayer kwam als derde binnen. De pole was voor Cup-racer Ross Chastain (#1, Trackhouse Racing – Chevrolet), die een flink deel van de race aan de leiding reed. Slachtoffer van een crash, eindigde hij dertiende.

Trucks: Busch domineert Dover

Dover is een van de ovals waar Cup-racer Kyle Busch (#8, Richard Childress Racing – Chevrolet) haast onklopbaar is. Vrijdag was het niet anders. Nadat hij de pole verwierf, domineerde hij driekwart van de wedstrijd. Daarmee heeft Bush dertien races op Dover gewonnen, waarvan vijf in Trucks. In totaal boekte hij al negenenzestig zeges in Trucks. Ty Majeski en Layne Riggs mochten mee op het podium. Dystany Spurlock, de eerste zwarte vrouw in een NASCAR-race, eindigde na een spin zesendertigste.

Volgende race: in het weekend van 25 mei rijden Cup, O’Reilly en Trucks op Charlotte.

Tekst: Vincent Mertens en foto: © NASCAR